februari 2015

Het weer in februari is redelijk normaal, wel iets warmer dan gewoonlijk en ‘s nachts af en toe lichte vorst. En ook geregeld een koude wind erbij. Gelukkig maar, want de kou remt de groei van de wijnstokken. Met zacht weer gaat de sapstroom omhoog en komt de groei op gang.
Veel te vroeg, als dat al in februari gebeurt.
Want zet je er dan de snoeischaar in, dan gaat de wijnplant “bloeden”. Een triest gezicht: als dikke tranen drupt het vocht vanuit de wortels via de pas gesnoeide wond op de grond.
En zo verliest de plant een deel van haar krachten voordat er zelfs maar een blaadje te zien is.

Dus besluiten we om toch maar de Grenache te snoeien, de resterende 8000 stokken(!).
Het zonnetje schijnt, heerlijk om buiten te werken.
Op 19 februari wordt de laatste wijnstok in model gesnoeid. Wel erg vroeg, voor ons doen.
Wat onwennig vragen we ons af, wat we in de weken erna zullen gaan doen.
Werk is gauw gevonden: het opschonen van de slootwallen. Elk jaar kiezen we een andere sloot uit. Te groot geworden bomen worden tot op een halve meter boven de grond afgezaagd.

Fontjoncouse

Niet door mij, u kent me zo onderhand: dat is te gevaarlijk voor een nogal snel afgeleid persoon.
Dus partnerlief is voortvarend met de motorzaag in de weer, met akelige precisie laat hij de bomen in het midden van de sloot vallen. Zo af en toe word er een kabel om de boom geplaatst en daar mag ik dan aan trekken, terwijl hij zaagt, om te voorkomen dat de hele handel in het wijnveld stort.
Of op mij… alles ging dus goed.

Bij de gemeente was weer het papier gehaald dat het administratief oké was om de takken ter plekke te verbranden. Echt een klusje voor mij. Dus sleep ik af en aan met grote takken die op het vuur worden gegooid. Hoge vlammen af en toe. Ook een vreemde PHSSSST boven mijn hoofd, die tot resultaat heeft dat mijn haar wat wordt uitgedund.
De boomstronken worden in stukken van 60 cm gezaagd, dan passen ze moeiteloos in de houtkachel. We gooien ze over de omheining in het wijnveld.

Fontaine des Joncs

Helaas is het platteland ook hier niet meer als vroeger: laat je het hout netjes gezaagd in de sloot liggen, dan loop je het risico de volgende dag geen spaan terug te vinden.
Het hout ligt nu mooi gestapeld onder het afdak te drogen, zodat het de komende winter al de kachel in kan.

Onderhoud van de afscheiding hoort bij het werk van een boer. En dat je daar je huis warm mee stookt, is een mooie beloning van al dat werk. En de bomen, die zijn niet dood. Omdat ze hoog zijn afgezaagd, botten ze dit voorjaar al weer uit, en over 15 jaar leveren ze opnieuw hout voor de kachel. Een mooi gesloten cirkel, alweer een kleine stap tegen de voortschrijding van de wegwerpmaatschappij.