Wijn

 

Een Friese wijnboerin in de Corbières

 

Tekst Bonne Stienstra Leeuwarder Courant, 10 augustus 2013

Vroeger als kind wilde Karen Haanstra boer worden, net zoals haar pakes in Donkerbroek en Makkinga. Altijd buiten, dat leek haar wel wat. Maar haar grootouders verkochten de boerderijen wegens gebrek aan opvolgers. Haar werd niets gevraagd. Ze was nog maar zestien en een meisje bovendien. Meisjes werden geen boer.

 Ze deed het atheneum, ze deed de Sociale Academie, werkte bij de sociale dienst,ze reisde vier jaar door Europa, ze werkte bij de Raad voor de Kinderbescherming, ze trouwde, emigreerde naar Frankrijk, scheidde en werd alsnog boer, wijnboer. Over dat laatste wil ze graag praten, niet over de turbulente periode daarvoor.

 Dertien jaar geleden, toen de scheiding op handen was, had ze kunnen besluiten terug te keren naar Nederland, naar een veilig bestaan. Ze deed het niet. Ze vond steun bij een vrijgezelle wijnboer in het dorp waar ze woonde, in Fontjoncouse in de Corbières, Zuid-Frankrijk. Ze besloot te blijven, ze besloot te vechten voor een nieuw geluk.                   De vriendschap metJean-Pierreontwikkelde zich tot een relatie. En, o wonder, ze kregen samen een kind, op hun 42ste. ,,Dat hie ‘k altyd al graach wollen, in bern’’, zegt ze en ze kijkt vol trots naar Alex, elf jaar al weer en vast van plan professioneel rugbyspeler te worden, want rugby is een grote sport in Frankrijk.

 Leermeester

 Karen Haanstra wilde alles weten over de druiventeelt, over het maken van wijn. Ze had in Jean- Pierre een geduldige leermeester. Die had het vak geleerd van zijn vader, die het weer van diens vader had geleerd. Het werd een praktische leerschool voor haar. Ze werkte mee waar mogelijk, nam de kennis snel op en fantaseerde over een eigen wijngaard, een eigen wijnmerk.

 Ze viel ermee op tussen de Franse boeren in Fontjonctcouse en omstreken, maar het deerde haar niet. Ze was eraan gewend op te vallen. Vanaf het moment, waarop ze in het dorpje haar intrede deed, kon niemand om de blonde en 1.87 meter lange Friezin heen. En ze was ook nog eens buitenlandse. Blijf dan maar eens onopgemerkt.

 Als ze in het begin op een markt kwam, zag ze de ogen kijken, hoorde ze de monden praten, over haar. Op een dag stond ze bij de groenteman, die bij Fransen 2 kilo sinaasappels afwoog, er nog een paar extra bijgooide, maar niet meer dan de 2 kilo afrekende. Ze hoorde, dat hij achter haar rug opmerkingen over haar maakte tegen de klantenen ze zag hoe zij die extra sinaasappels niet kreeg. Dat was het moment, dat ze het niet langer pikte. Karen Haanstra: ,,Ik smiet him dy twa kilo sinasapels ta, skold him yn it Frâns út en sei tsjin him,dat ik noait wer wat by him keapje soe. It gie de hiele merk oer. Ik ha noait wer lêst hân.’’Het voorval is tekenend voor de vechtlust van Karen Haanstra. Misschien komt het van haar ouders, van Jelle en Janke Haanstra, Jubbegasters en Donkerbroekster van origine. Aanpakkers vast en zeker ook, hun dochter is het in ieder geval. Ze leerde het wijnvak en en passant bouwde ze haar twee vakantiehuisjes af. Van tegelzetten tot leidingen leggen, van stukadoren tot ramen zetten.

Die twee gites zorgen voor een wat stabieler inkomen voor Karen en Jean Pierre. Wijnbouwers hebben het in Frankrijk moeilijk. Er is een stevige concurrentie vanuit de nieuwe buitenlandse wijnlanden en altijd is de natuur onvoorspelbaarmet zijn nukken en grillen. Dat ondervonden een paar weken geleden wijnboeren in de buurt van Beaune nog. Dikke hagelstenen vernielden voor een groot deel de oogst van dit jaar. ,,En dy fan takomme jier’’, zegt Haanstra, ,,want se sille dan minder drage.’’

 Wilde zwijnen

 Ze laat een veld met druivenstruiken zien, die nauwelijks vrucht dragen. Haanstra: ,,Fan’t maaitiid te betiid yn bloei, hurde wyn en alle bloeisels ferwaaid foardat se befruchte wurde koene.’’ Ze stopt bij een perceel met Syrah-druiven, haar eerste veld, zes jaar geleden aangekocht. Ze opent de afrastering, die nodig is om de wilde zwijnen, die zich in al hun gulzigheid tegoed doen aan de sappige druiven, tegen te houden. Het stikt er in de omgeving van de sangliers. In de herfst van 2011werden er 260 zwijnen doodgeschoten, een record.

Karen Haanstra loopt langs de struiken en wijst. Die takken gaan er af, dit is tweedejaars hout waarop de struik zijn vrucht draagt, hier laten we de bladeren mooi hangen om de trossen te beschermen tegen teveel warmte, hier dunnen we ze wat uit zodat het besruidingsmiddel de druiven bereikt. Tussen de rijen groeit op het perceel nauwelijks onkruid. Het is de eer van Haanstra en trouwens ook van Jean-Pierre te na. Een goede wijnboer herken je ondermeer aan het onkruid, of juist het ontbreken er aan. Zoals je een goede veeboer vaak herkent aan een nette stal en een opgeruimd erf.

 Ze vertelt van de hectoliters per hectare, van de strenge regels van de AOC Corbières. Corbières is de streek, waaraan de wijn zijn naam ontleent. Ze legt uit, dat het aantal hectares aan limieten is gebonden, dat je niet overal zo maar een nieuwe wijngaard mag beginnen. Nieuwe aanplant mag op terrein, met de aanplantrechten van een -vaak elders- gerooid veld.

 Het heeft allemaal wel wat van de melkquotering in Friesland en er zijn meer overeenkomsten tussen wijnbouwers en melkveehouders. Karen Haanstra ,,Ek ûnder wynbouwers hast guon, dy´t al mar grutter wurde, al mar flugger wurkje wolle, al mar mear produsearje wolle, en daardoor de weg in gaan van automatiseren. Wy dogge der net oan mei, wy kieze bewust foar it lytsskalige, omdat dat folle better oerien komt mei hoe’t wynbouw oarspronkelik bedoeld is.´´ De moderne wijnboer rooit het perceel na 25 jaar al. Jean Pierre heeft een perceel met stammen, die wel 110 jaar oud zijn. Amerikaanse stammen, geplant toen de Franse stammen aangetast waren door ziektes. Misschien is het tijd ze te rooien, maar hij doet het niet. ,,Ut respekt foar syn âlden, syn foarâlden’, zegt Haanstra. En daarbij: hij zou Alex veel verdriet aandoen. ,,It is in jonge mei gefoel foar histoarje.’’

Zij en Jean Pierre snoeien handmatig de struiken, knippen zelf met een heggenschaar de koppen eruit, terwijl veel collega´s de trekkers tussen de struiken laten rijden en machinaal hun werkzaamheden verrichten. Die wijnbouwers halen ook machinaal de druiven van de struiken, terwijl zij met de hand de trossen een voor een knippen en in de emmer laten glijden.

Jonge aanplant

 Zoals een veeboer met liefde over zijn koeien kan praten, zo praat Karen Haanstra over haar druivenplanten. ,,Sjoch´´, zegt ze, terwijl ze gehurkt bij een struik gaat zitten, ,, sa´n útrinner ûnder op de stam, dat heart net.´´ Ze scheurt het takje er vanaf. ,,Kom´´, zegt ze, ,, nei myn nije fjild.´´ Het is een veld met jonge aanplant, Marselan heet de soort, en het is een blauwe druif.

 Tot nu toe heeft ze voornamelijk rode wijn gemaakt. Daarbij spelen de Syrah en de oude Carignan als druivensoorten de hoofdrol. De wijn krijgt zijn typische smaak door het mengen van de -apart- vergiste wijnen van verschillende rassen, maar ze kan natuurlijk niets vertellen over de verhouding. ,,Dat is it geheim fan de smid´´, zegt ze. Het op smaak brengen, het op hààr smaak brengen, vindt ze een mooie afronding van het wijnproces.

 Vrijwel het hele jaar werkt ze meerdere dagen per week op het veld. Als de druiven zijn geplukt, als de wijn is geperst en zich een paar maanden in de vaten verder heeft ontwikkeld, dan gaat ze samen met een wijnmeester aan de slag met de smaak. ,,Dy moat ûnderskiedend wêze, mar tagelyk tagonklik foar de Nederlânske merk´´, vindt ze.

Daar waar de wijn van Jean Pierre in een grote tank wordt opgehaald en naar een handelshuis gaat,, daar probeert Karen Haanstra, eigenzinnig als ze is, een eigen merk te ontwikkelen. ,,No ja´´, zegt ze, ,,merkje, want grutskalich sil it net wurde. Ik ha no sels sa´n 3 hektare, folle grutter wol ik ek net.´´ Maar -als ik Jean-Pierre daarin meekrijg, want het betekent ook weer meer werk voor hem- hoop ik volgend jaar een klein perceeltje met witte druiven aan te planten.

 Ze zegt: ,,Ik wit al aardich wat ôf fan wynmeitsjen, mar útleard bin ik noch lang net. No moat ik my de kommersjele kant eigen meitsje. Dat is wol hiel yngewikkeld mei al dy eks- en ymportregels.´´ Het etiket van haar eigen wijn van haar eigen Domaine des Joncs heeft ze zelf ontworpen. Er staan de kop van een Fries paard en drie pompeblêden op.

 ,,Jo moatte jo ûnderskiede´´, zegt ze, ,,mar it is ek tagelyk om sjen te litten, dat ik my noch mei Fryslân ferbûn fiel. Bûten de doarren fan myn hûs pas ik my oan de Frânse seden en gewoanten oan, dat voelt als een plicht naar een gastland dat me goed ontvangen heeft, yn ‘e hûs ha ik it rjocht it te dwaan sa as ik ’t yn Fryslan wend wie´´

 In de schaduw van hun huis serveert Karen Haanstra een glas van haar eigen wijn en smeert een eigen gemaakte paté van een door Jean Pierre eigenhandig geschoten wild zwijn op het stokbrood. De jager annex wijnbouwer is even aangeschoven, neemt een hap van de paté en zegt tevreden en met gevoel voor humor: ,,Ik proef er mijn eigen druiven in terug.”

 Mem Janke heeft Alex nooit gekend, heit Jelle wel. Hij kwam jaarlijks per vliegtuig naar Frankrijk om zijn dochter en schoonzoon te zien, om zijn enig kleinkind te zien opgroeien. Karen Haanstra: ,,Hy hat noch meimakke, dat it my wer goed giet, hy hat syn pakesizzer sjoen. Mei elkoar prate koene se net, om’t Alex allinne Frânsk praat. Mar hy seach wa´t Alex wie, wat Alex die en sei de lêste kear, dat er hjir wie: "Alex hat fan ús soarte minsken, hy is in fjildman".

 

 

 

 

 

 

 

 

notitie de wijngekken 2012

Karen Haanstra uit Friesland is de trotse wijnbouwer van het in de Corbiéres gelegen Fontaine Des Joncs.

Ik heb in een eerder artikel al aandacht besteed aan Karen en haar wijnbedrijf, kijk HIER maar eens.
Dat Karen behalve wijn maken, ook boeiend kan schrijven, bewijst zij
door ons maandelijks van een column te voorzien over haar belevenissen als wijnbouwer. Bij ons op de site!

Fontaine Des Joncs Syrah 2009

Dieprood en donker van kleur, vol in de rand en geconcentreerd (2,8)
Cassis in de neus, wat vanille en aards. Wat tijm, mint en kruidnagel. Een zuiver en open bouquet (3,5).
In de eerste aanzet wat tintelend op de tong. Redelijk vol en zuidelijk-gestoofd. Veel bessen- en bramenfruit met romige, ronde en soepele tannines en een mooie frisheid (6,0).
Een eerlijke, recht toe recht aan gemaakte “pure” wijn met mooie zuivere smaakfacetten (2,2).

Totaal 14,5 punten. Drinken 2012 tot 2015.